kennisbank
Wanneer gebruik je welk woord?
Een praktische handreiking voor formulieren, dossiers, onderzoek en dagelijks taalgebruik — met de vraag die je per geval kunt stellen.
De praktische vraag is niet welk woord het juiste is, maar welke informatie u nodig heeft. Daaruit volgt het woord vanzelf.
De vraag die bijna altijd werkt
Waar gebruik ik dit gegeven voor? Gaat het om het lichaam — een dosering, een screening, een referentiewaarde, een onderzoeksvariabele — dan is geslacht bedoeld. Gaat het om hoe iemand wordt aangesproken of om rollen en verwachtingen, dan is gender bedoeld.
Op een formulier
Vraag alleen wat u nodig heeft. Veel formulieren vragen het gegeven zonder dat er ooit iets mee gebeurt; dan kan de vraag weg. Heeft u het wel nodig, vraag dan expliciet naar het gegeven dat u gebruikt, en vermeld waarvoor.
In een dossier
Twee velden naast elkaar is de nette oplossing: het geboortegeslacht voor de medische besluitvorming, en de aanhef en naam waarmee iemand wordt aangesproken voor de omgang. Ze bijten elkaar niet, zolang ze niet worden samengevoegd.
In onderzoek
Registreer beide, rapporteer welke u gebruikt hebt, en analyseer op de variabele die bij uw vraag hoort. Een onderzoek naar hormoonspiegels heeft een andere variabele nodig dan een onderzoek naar ervaren discriminatie.
In gewone gesprekken
Daar is precisie zelden nodig. Wie het over hobby’s, kleding of beroepskeuze heeft, gebruikt vanzelf de sociale betekenis, en niemand raakt in de war.
Over de auteur
Marieke den Ouden schrijft op deze site over het onderscheid tussen geslacht en gender. De teksten geven algemene uitleg en vormen geen advies.